Mazda 2: Richtingaanwijzers
Beweeg de richtingaanwijzerhendel naar beneden (voor een bocht naar links) of naar boven (voor een bocht naar rechts) tot aan de stopstand. Na het nemen van de bocht worden de richtingaanwijzers automatisch uitgeschakeld.
Als de indicator na het nemen van de bocht blijft knipperen, dient u de hendel met de hand in de uitgangspositie terug te zetten.

De richtingaanwijzerindicators in de
instrumentengroep gaan knipperen
overeenkomstig de bediening van de
richtingaanwijzerhendel en laten zien welk
signaal in werking is.
- Als een indicatielampje constant blijft branden zonder te knipperen of als het lampje abnormaal knippert, bestaat de kans dat de gloeilamp van een van de richtingaanwijzers doorgebrand is.
- Een gebruikersfunctie is beschikbaar voor het wijzigen van het geluidsvolume van de richtingaanwijzerindicator.
Zie ook:
KIA Rio. Voorruit ontdooien en ontwasemen
WAARSCHUWING
- Voorruitverwarming
Gebruik de standen () of ()
niet in combinatie met koelen bij
een extreem hoge luchtvochtigheid.
Door het temperatuurverschil
tussen d ...
Renault Clio. Bijzonderheden van de uitvoeringen met een dieselmotor
Toerental van de dieselmotor
De inspuitpomp van de dieselmotor heeft
een mechanische begrenzing die er voor
zorgt dat het afgestelde motortoerental
in geen van de versnellingen kan worden
oversch ...